Over styling algemeen
Wat ons betreft gaat syling om het vinden van kleding die bij je past. Daarvoor is het nodig om een goed inzicht te krijgen in alle elementen die van belang zijn om goed gekleed voor de dag te komen.
Zo is smaak van groot belang, want je moet je er ook goed in voelen. Dat wil zeggen goed aansluiten bij je kledingstijl(en). Die zijn zichtbaar in je kledingkast.
Ook moet kleding optimaal om je lichaam passen, je lichaam is immers uniek. Je lichaamsvorm is de basis om lichaamsdelen, waar je blij mee bent te accentueren en waar je minder blij mee bent te camoufleren. Maar je kunt ook plaatsen waar dat nodig is verlengen of verbreden.
Kleding moet bij je passen, de kleuren moet aansluiten bij je pigmentatie (contrast).
Maar het is ook handig om te weten hoe de kleuren voor je werken, wat ze kunnen doen voor je uitstraling. Is je lievelingskleur wel passend voor de kledingkeuze? Maar er is zo veel meer te vertellen over styling....
Daarom zetten we regelmatig tips op de website. He je een specifieke vraag, neem dan contact met ons op!

Kledingstijlen
Er zijn 4 basis kledingstijlen
Klassiek /Elegant: Tijdloos, hoogwaardige materialen. Neutrale kleuren, ton-sur-ton, subtiele en symetrische patronen.
Natuurlijk/Sportief: Comfortabel, down-to-earth, aardse kleuren (geinspireerd op natuur), rustieke of funcionele patronen (bv. ruit).
Excentriek/ Creatief: Expressief en grensverleggend, unieke eigen stijl, harde contrasten en felle kleuren, opvallende grafische en abstracte patronen
Romantisch: Zacht, vrouwelijk, toegankelijk. Pastel, weinig donkere tinten (eerder zachtgrijs en taupe), organische en zachte patronen (bv. paisley).
Wij kunnen je hier meer over vertellen met behulp van onze collages.

Figuuranalyse
Hoe is het volume van jouw lichaam verdeeld
- Volume vooral in bovenlichaam (V-figuur)
- Volume in het midden (O-figuur)
- Volume vooral in het onderlichaam (A-figuur)
- Volume evenredig verdeeld, vrouwelijke vormen (X-figuur)
- Volume evenredig, rechte vorm (H-figuur)
Wij hebben tips voor idere figuur. Maar ook hier blijft het belangrijk waar je je prettig in voelt.
Lijnen in de kleding kunnen een vorm langer, korte dikker, dunner, breder of smaller laten lijken. Dit werkt zo:
- Een vlak lijkt groter als er geen verticale lijnen in voorkomen
- Brede lijnen/ strepen maken breder, smalle strepen maken smaller
- Een horizontale contrastlijn maakt kleiner en breder, een verticale contrastlijn maakt slanker
- Diagonaal geplaatste lijnen maken optisch slanker.
- Laat een zoomlijn nooit eindigen op het breedste punt van iemands benen of armen
- Stijve of glanzende materialen/ stoffen geven meer volume
- Er ontstaat altijd balans als je iets herhaalt wat er al is
- Hoe minder onderbrekingen in je silhouet hoe meer lengte je creëert
- Zorg dat kleurovergang daar is waar deze het lichaam mag accentueren (bv slanke taille)
- Felle kleuren trekken de aandacht, gedempte kleuren verhullen

Kleur en contrast
De 60-30-10 kleurenregel. Breng balans in je dagelijkse look met deze vaste formule:
- 60% Dominante kleur: Meestal je pak, jas, broek of jurk (vaak een neutrale tint)
- 30% Secundaire kleur: Je overhemd, top of trui (voegt karakter toe)
- 10% Accentkleur: Je das, tas, schoenen of sieraden.
Kijk naar kleurcontrast. Welke kleur heeft je haar, je huid en je ogen. Bij weinig contrast moet je ook niet teveel kleurcontrast in je kelding gebruiken. Je valt dan weg!
Bij veel contrast (bv. lichte huid, donker haar en veel contrast in je oogkleur) kun je ook veel kleurcontrast in je kleding hebben. Je bent dan in balans!